Toespraak Wapenoudste tijdens de 141e verjaardag van het Regiment Verbindingstroepen

opening_hcvbdd_8_20150221_1645423031

Op 18 februari jongsleden heeft onze wapenoudste, bgen J.P.L. Duckers, tijdens de viering van de 141e verjaardag van ons Regiment een toespraak gehouden. In het kader van “het bericht moet door” hieronder deze toespraak.

Oorlog wordt veroorzaakt en beslecht door mensen. Het wordt gekenmerkt door chaos, onzekerheid, angst en geweld. Leiders voeren hun troepen aan op basis van de beschikbare informatie. De combinatie van talent, ervaring, intuïtie en snelheid van informatie-uitwisseling en -verwerking bepaalt grotendeels de uitkomst van het gevecht. Door de eeuwen heen is de rol van informatie in het gevecht niet veranderd. De techniek om informatie over te brengen, te verwerken en te presenteren echter wel, en deze verandering voltrekt zich steeds sneller. Het werk van ons, Verbindelaren, wordt dus gekenmerkt door snelle veranderingen, die veelal technologisch gedreven zijn en invloed hebben op werkwijzen en organisatievormen.

De Verbindingsdienst heeft zich getransformeerd van een intern gericht wapen voor de hogere staven, waarbij berichten werden getransporteerd, tot een min of meer hybride organisatie ter ondersteuning van besluiten, waarbij we deels bi-nationaal en centraal zijn georganiseerd en deels decentraal bij brigades en bataljons. De School Verbindingsdienst maakt deel uit van het OTCManoeuvre. De kennisfunctie is belegd bij respectievelijk het Expertise Center van de School Verbindingsdienst, het Land Warfare Center en het Land Training Center

En wat gebeurt er om ons heen? We moeten constateren dat de wereld niet veiliger wordt. De gebeurtenissen in de Oekraïne en de groeiende assertiviteit van Rusland, de situatie in het Midden-Oosten, radicalisering, jihadisme en de recente aanslagen in Parijs en Kopenhagen hebben er voor gezorgd dat het veiligheidsbesef in Nederland nadrukkelijk is veranderd. Specifiek voor ons vakgebied eisen de jarenlange bezuinigingen hun tol en dat is vorig jaar gebleken bij de uitval van systemen. Met kunst en vliegwerk en vaak duct tape ondersteunen we nu bijna 20 missies. De huidige staat van de IT is gelukkig niet ongemerkt voorbij gegaan en momenteel wordt op veel niveaus gewerkt aan gedachtenvorming en plannenmakerij over hoe de krijgsmacht er uit moet gaan zien. Hierbij wordt er van uitgegaan dat na jarenlange teruggang in budget er weer sprake kan zijn van groei.

Een analyse van de omgeving leert ons ook dat in deze minder veilige wereld het informatiedomein snel aan belang toeneemt. Staten en strijdende partijen gebruiken dit domein steeds efficiënter voor hun doelstellingen. Commandovoering via Facebook en Twitter, het beïnvloeden van de perceptie van bevolking en leiders door filmpjes op YouTube en door dagelijkse cyberaanvallen op systemen en netwerken. Het informatiedomein is niet langer meer ondersteunend maar een virtueel operatiegebied geworden waar daadwerkelijk wordt gemanoeuvreerd. Dit is ons operatiegebied!

Ik vind echter dat onze huidige verbindingsdienstorganisatie niet meer geschikt is om het opereren in het informatiedomein mogelijk te maken. De afgelopen jaren hebben aangetoond dat versnippering leidt tot het niet current kunnen houden van noodzakelijke kennis en kunde. Dit is geen kritiek op alle Verbindelaren bij de eenheden. De foxtrots, C2-ondersteundende elementen, de secties G6 en S6 werken keihard om onze eenheden te ondersteunen. De vraag is of wij op deze wijze in staat zullen blijven om de steeds grotere vraag te kunnen beantwoorden en of de kloof die nu al bestaat tussen wat kan buiten de poort, en wat mogelijk is tijdens inzet, kunnen dichten. Ik denk het niet!

De IT-wereld is kort cyclisch –verandert snel– en het draait hierbij om schaarse kennis. Ons werk is mensenwerk en we kunnen de kennis niet op peil houden door een USB-stick of upgrade. Vakmanschap wordt bij ons niet alleen ingegeven door ervaring en anciënniteit maar vooral door de laatste cursus. Een Verbindelaar opleiden is anders dan een sgt der infanterie of geneeskundige dienst. Een KL-brede confectiemaat-systematiek past niet bij ons specifieke vakgebied. Wat wel confectiemaat moet zijn is de bediening van organieke CIS-middelen. Dit is een militaire basisvaardigheid en niet het domein van de Verbindelaar.

Ik begrijp de druk en wens van brigadecommandanten om meer zelfstandigheid. Maar ons domein is anders dan Genie, B&T of Vuursteun. Die functionaliteiten zijn veel minder kort cyclisch en hier zit de schaarste in vuurmonden en wissellaadsystemen; onze schaarste is kennis, en het antwoord daarop is niet een CIScie per brigade. Natuurlijk zijn er eenheden die door een speciaal karakter organiek moeten beschikken over alle middelen, inclusief CIS-middelen. One size fits all, is daarom ook niet de oplossing.

Mijn overtuiging is dat we moeten concentreren waar mogelijk en decentraal organiseren waar noodzakelijk. De vorming van een C2ost, C4I of CIScommando – het gaat niet om de naam – waar operationele CIS-eenheden zijn samengebracht met CIS-opleidingen en een volwassen kenniscentrum is voor mij een logische en noodzakelijke stap. Uiteindelijk zal commandant landstrijdkrachten hierover beslissen, maar gevraagd en ongevraagd is dit mijn advies.

Mij is dikwijls gevraagd naar wie nou de baas van de Verbindingsdienst is, waarom we geen eenheid van opvatting hebben? Terechte vragen. Alhoewel hier hiërarchisch momenteel geen antwoord op te geven is acht ik mijzelf als wapenoudste de baas van de Verbindingsdienst en het kolonels- en adjudantenberaad vormen daarbij het dagelijkse bestuur. Eenheid van opvatting is een ander verhaal. Eenheid van opvatting heeft alleen zin als eenieder bereid is hier naar te handelen en dit uit te dragen.

Laat dit dan een begin zijn. U kent nu de richting die ik uit wil. Ik ga me hiervoor inspannen. Ik vraag u niet dit ook te doen maar ik draag het u op!

Deze bijdrage was gepubliceerd in Nieuws.